Niveau of het gebrek daaraan.
01 - 08 - 2025
De afgelopen periode konden we weer flink genieten van de diverse grote evenementen. Ik zeg bewust ‘konden’, want wat viel het EK-voetbal voor vrouwen tegen. En dan heb ik het niet alleen het Nederlands elftal wat eigenlijk geen elftal was. Ik ben van mening dat je alles een kans moet geven en ik heb geprobeerd alles te kijken, maar wat een beproeving was dat. Uiteraard mag je het niet vergelijken met het mannenvoetbal maar zelfs een vergelijking met de 1e klasse in het amateurvoetbal gaat hier mank. Kijk alleen maar eens naar het aantal gemiste strafschoppen. 70% werd gemist. En dat voor iets wat gewoon te trainen is. Misschien is het een optie om ze in het vervolg niet van 11 maar van 7 meter te laten nemen. Op één punt moet ik bekennen dat de vrouwen de mannen hebben geëvenaard en dat is in het schreeuwen na en het simuleren van overtredingen. Daarin hebben ze de afgelopen jaren flinke progressie geboekt.
Wat mij betreft was er één team dat wel een goed niveau haalde en dat waren zeker niet de Nederlandse dames. En dan kan je achteraf de KNVB of de trainer de schuld geven maar als je het niveau niet hebt zal je nooit ver komen. Nee, het team waar ik op doelde was de verliezend finalist Spanje. Uiteraard was dat ook niet het niveau van de mannen maar het werd bij tijd en wijle wel redelijk benaderd. De Spaanse vrouwen speelde regelmatig zowel tactisch als technisch zeer leuk en voor mij waren ze de gedoodverfde favoriet. Ik had echter niet gerekend op de onverzettelijkheid van de Engelse vrouwen (met als grote voorbeeld Lucy Bronze) en hun geweldige coach, onze Sarina Wiegman. Natuurlijk kwam er zo hier en daar wel wat geluk om de hoek kijken maar het gaat te ver om alles op geluk te gooien. Als je in drie wedstrijden ziet dat de toegepaste wissels aan het einde van de wedstrijd toeslaan heb je toch een goede hand van wisselen als coach. De vraag die dan komt en die ook aan haar gesteld is: “Zou ze geschikt zijn als coach van een mannenteam in de eredivisie?” Haar antwoord daarop was dat ze, gezien het niveau waarop ze nu werkzaam was, dit alleen zou doen als één van de ‘grote’ drie bij haar aan zou kloppen. Dat antwoord is dan weer jammer want dan schat je de werkzaamheden die je doet wel veel te hoog in. Maar misschien zal de toekomst het leren.
En dan die andere sport van de afgelopen weken. De Tour de France. Ondanks dat de winnaar vooraf eigenlijk al bekend was heb ik genoten van de spanning, van de onderlinge gevechten en van Thijmen Arendsman. Wat heeft die zich laten zien in de bergen. Zowel in de Alpen als de Pyreneeën kon hij met de besten mee en wist hij ook te winnen. Het is lang geleden dat ik zo op het puntje van mijn stoel heb gezeten voor de Nederlandse wielrenners. En wat hebben die mannen (en nu ook de vrouwen) een karakter. Zelfs met gebroken ribben wordt er door gefietst. Dat het toch echt wel mensen van vlees en bloed zijn blijkt wel dat zelfs een renner als Remco Evenepoel af moest stappen terwijl hij derde stond in het algemeen klassement. Ook dat hoort erbij.
Wat er tegenwoordig ook bij schijnt te horen is discriminatie, veroordelingen en zelfs bedreigingen via de social media. Zowel bij het EK voetbal als bij de Tour was daar sprake van. Het is toch te gek voor woorden dat “mensen” zich het recht toe te eigenen anderen met de dood te bedreigen als er een valpartij heeft plaats gevonden. Hebben die figuren nou werkelijk zo weinig verstandelijk vermogen dat ze zich niet kunnen bedenken dat dit onderdeel is van de gevaarlijke sport die wielrennen heet? Er is toch niemand die bewust een ander onderuit zal fietsen wetende dat ze er zelf ook vaak niet ongeschonden uit komen. Zijn dit soort uitwassen nog uit te bannen of moeten we ons er bij neerleggen dat het gebeurt. Dat zou toch heel verdrietig zijn.
Vooralsnog voerde voor mij vooral het genieten de boventoon en daar is de sport ook juist voor bedoeld.
Ron Collé